,

vrolijk hart

Category : blog

Begin dit jaar liep ik met iemand over de heide, niet om te coachen, maar om gecoacht te worden. Ik had bedacht dat het goed was om iemand mee te laten kijken, mee te laten lopen op mijn pad. Er was kort daarvoor veel veranderd in mijn leven. En ik wilde graag met de voeten op de grond blijven. En me niet verliezen, in werk, verdriet, depressie of wat dan ook maar. Ik ervoer o.a. hoe fijn het is om tijd voor jezelf te nemen. Even niet te hoeven presteren of te zorgen.

Als kind ben ik redelijk veel ziek geweest en ook niet altijd even vrolijk. Zo niet depressief. Op een gegeven moment heb ik ervoor gekozen dat ik me niet zou laten kisten. Dat was een zeer belangrijke beslissing. Ik kwam er achter dat er ook veel kracht in me zat en dat andere mensen best heel leuk konden zijn. Er volgden jaren van keihard werken, afgewisseld met zo nu en dan een terugval in depressie al dan niet in combinatie met ziek zijn. Uiteraard voelde me ik dan helemaal niet sterk. En tot op de dag van vandaag voel ik soms schaamte, al wordt het steeds minder. De periodes van keihard werken waren soms heerlijk, maar wel zeer ongezond. Het was een verslaving, die door bijna iedereen werd geaccepteerd en door menigeen werd ik er voor geprezen.

Tijdens een oefening met mijn coach kwam ik er achter dat mijn oorspronkelijke hart / zuivere hart niet het hart is van een klein, bang, ziek en depressief jongetje. Maar een mooi, gaaf en schoon hart. Onbeschadigd en in prima conditie. Wat een openbaring. Ik zag mezelf, ondanks de nodige therapieën, een geweldige coach-opleiding, in de basis nog steeds als “depressief jongetje”, dat vooral hard zijn best deed om daar bij weg te blijven. Maar, in de basis was ik dat dus niet!

Enkele maanden later werd ik pas verdrietig, omdat ik stopte met rennen en bewijzen dat het wel goed met me ging. En ik wist dat het klopte. Ik was in mijn leven op een plek waar ik niet wilde zijn, maar het was wel mijn plek. Door niet meer te rennen, was er verdriet, maar kon ik daarnaast gewoon werken en regelmatig genieten van van alles. De dagen duurden soms erg lang, maar ik wist dat ik niet moest weglopen. En, ik was niet zo depressief als vroeger. Dat alleen al stemde me soms vrolijk. Niet dat alles nu vanzelf gaat, zo zit het leven nu eenmaal niet in elkaar. Ik denk vaak: ‘t blef knooi’n (van Daniel Lohues). Maar, ook dikwijls met een glimlach en zelfspot.

Ik moest er 49 voor worden. Om er achter te komen dat mijn hart in de basis onbeschadigd is.
Vandaag zag ik de zon opkomen boven ‘t veen.
En even later sloot ik aan in een file.
En weer die prachtige zon.

Toen dacht ik: ik heb een vrolijk hart!